Mensen die gezond eten, hebben over het algemeen een lage kans op het ontwikkelen van kanker.1 2 Er is en er wordt volop onderzocht welke bestanddelen van een gezond dieet deze beschermende werking hebben. Eén bestanddeel in het bijzonder lijkt, met behulp van darmbacteriën, het ontstaan van kankercellen te voorkomen, de groei van bestaande kankercellen te bestrijden en kankercellen zelfs te vernietigen. Dit zijn vezels.
In dit artikel:
- Hoe kankercellen ontstaan
- Welke relatie de ontwikkeling van kankercellen hebben met de darmflora
- Hoe vezels het risico op kanker verminderen
- Samenvatting
- Wetenschappelijke bronnen
Hoe kankercellen ontstaan
Het ontstaan van kankercellen heeft te maken met de levenscyclus van lichaamscellen en de afsplitsing van nieuwe cellen. Eerst even een korte biologieles over de celcyclus: Nadat een nieuwe cel is ontstaan, ondergaat hij een aantal fasen voordat hij zich afsplitst en twee nieuwe cellen vormt. Dit zijn de groeifase, , het kopiëren van DNA, een verdere voorbereiding op een celdeling en tenslotte de celdeling. Deze fasen zijn geïllustreerd in onderstaande afbeelding. Bij het doorlopen van de fasen zijn er meerdere controlepunten. De cel moet dan bij zo’n controlepunt van het lichaam het signaal krijgen dat het proces van celdeling nog goed verloopt en dat de cel door kan gaan naar de volgende stap. Meestal gaat deze celdeling goed. Maar de cel kan het signaal krijgen dat hij zich beter niet kan opdelen als:
- er niet genoeg ruimte is voor nieuwe cellen en/of
- er een fout is gemaakt bij het kopiëren van het DNA.

Wanneer de cel fouten maakt in het kopiëren van het DNA, zijn er meerdere scenario’s mogelijk. In het eerste en het meest ideale scenario krijgt de cel het signaal dat het beter is om zich niet op te splitsen en zichzelf te vernietigen (dit laatste heet in biologische termen ook wel apoptose). Hierdoor ontstaat er ruimte voor nieuwe gezonde cellen. In het tweede scenario krijgt de cel ook het signaal dat het beter is om zich niet op te splitsen, maar in dit geval blijft de cel bestaan. En hierdoor ontstaat er geen ruimte voor nieuwe, gezonde cellen. Het blijven bestaan van oude cellen, zonder aanwas van nieuwe cellen is het begin van veroudering.3 4 5 (Over veroudering heb ik dit artikel geschreven.)
Het derde en minst ideale scenario is dat de cel het signaal blijft krijgen dat het verder kan gaan met opsplitsing, ondanks dat het DNA niet op de juiste manier is gekopieerd of er eigenlijk geen ruimte is voor nieuwe cellen. Hierdoor ontstaan ongezonde cellen. En wanneer deze ‘foute’ cellen zich op blijven splitsen ontstaan, hopen deze cellen zich op en vormen samen een tumor.6 7
Hoe het eten van vezels de celcyclus beïnvloedt
Idealiter wordt de celdeling van deze tumorcellen een halt toegeroepen. Verschillende soorten chemotherapieën zijn er dan ook op gericht om de celcyclus te stoppen en kankercellen te vernietigen.8 9 Bij een aantal chemotherapieën schuilt echter ook het gevaar dat ze schade kunnen brengen aan de celcyclus van gezonde cellen.10 11 Dit kan een aantal bijwerkingen verklaren. Daarnaast bestaat er ook ‘gerichte therapie’. Hierbij is de medicatie alleen gericht op de celdeling van kankercellen en vernietiging van kankercellen, waardoor gezonde cellen minder schade ondervinden.12
Maar er zijn ook darmbacteriën die een bepaald stofje produceren die deze werking van kankerbehandelingen kunnen nabootsen en daarbij de behandelingen kunnen ondersteunen. Dit stofje heet butyraat (ook wel bekend als boterzuur) en kan zich op een gunstige manier bemoeien met de celcyclus. Wanneer onderzoekers butyraat toevoegen aan zowel tumorcellen als gewone cellen in een petrischaaltje, dan zorgt de butyraat er namelijk voor dat de tumorcellen zich niet meer op kunnen delen. De celcyclus van de kwaadaardige cellen wordt dus gestopt. Daarnaast krijgen een aantal tumorcellen het signaal dat ze zichzelf beter kunnen vernietigen (apoptose), wat dan ook gebeurt. En tegelijkertijd stimuleert de butyraat gezonde cellen om zich juist op te blijven delen. Butyraat lijkt dan wel een wondermiddel.13 14 15 (In dit artikel heb ik beschreven waar butyraat nog meer goed voor is.)
Het effect van een vezelrijk dieet op kanker
Maar dit onderzoek was in een petrischaaltje uitgevoerd. Gezonde darmbacteriën maken butyraat aan wanneer iemand vezels eet. Als darmbacteriën veel butyraat hebben aangemaakt, wordt dit stofje door de darmwand heen getransporteerd en komt het in de bloedbaan terecht, zodat het op verschillende plekken in het lichaam zijn werk kan doen. Voorkomt het eten van voedingsvezels dan de ontwikkeling van kanker? Al in 1991 is een onderzoek gepubliceerd, waarbij de auteurs van dat onderzoek wel 32 verschillende studies over het eten van vezels en kankerpreventie naast elkaar legden. Uit hun analyse bleek dat mensen die veel vezels eten, een verminderde kans hebben op het krijgen van kanker. Het gaat hier dan om verschillende vormen van kanker: darmkanker, borstkanker, baarmoederhalskanker, maagkanker, slokdarmkanker en mondkanker.16 Latere studies over voedingsvezels en borstkanker bevestigen deze bevindingen.17
Een studie uit 2007 over voedingsvezels en de relatie met darmkanker laten een opmerkelijk resultaat zien: niet alle soorten voedingsvezels hebben hetzelfde effect op de preventie van darmkanker. Het waren vooral de vezels uit granen die een preventief effect hadden. Bij andere soorten voedingsvezels was dit effect minder sterk.18 Weer een ander onderzoek toont juist het gunstige effect van een bepaald type voedingsvezel, genaamd resistent zetmeel, op allerlei vormen van erfelijke kanker, behalve op darmkanker. Bijna duizend proefpersonen met een erfelijke aanleg voor kanker kregen vier jaar lang dagelijks een pilletje met ofwel resistent zetmeel ofwel een placebo. In de tien jaar daarna waren minder mensen in de vezelgroep gediagnosticeerd met een vorm van kanker (darmkanker uitgezonderd) dan de mensen in de placebogroep.19 Resistent zetmeel zit in intacte granen, groene bananen, afgekoelde aardappels en afgekoelde rijst.
Wat gebeurt er dan als iemand ná een kankerdiagnose meer vezels gaat eten? De resultaten van een onderzoek uit 2021 vertellen ons hier meer over. Het viel de onderzoekers van deze studie op dat veel mensen met kanker probiotica supplementen nemen, omdat zij denken dat ze hier baat bij hebben. Deze onderzoekers legden daarom een vragenlijst voor aan een groep patiënten met huidkanker die hiervoor een medische behandeling ondergingen. In deze vragenlijst moesten de patiënten invullen of zij gebruik maakten van probiotica supplementen en wat de patiënten zoal op een dag aten. Aan de hand van deze lijst konden de onderzoekers berekenen hoeveel voedingsvezels de patiënten op een dag binnenkregen. De gezondheid van deze patiënten werd voor een langere periode in de gaten gehouden. Na een paar jaar konden de onderzoekers analyseren bij wie de medische behandeling het meest effectief was en bij wie de huidkanker niet meer terugkwam. Een groot deel van de patiënten (29%) bleek inderdaad dagelijks probiotica te nemen. De groep patiënten werd door de onderzoekers in vier subgroepen verdeeld:
- de groep patiënten die geen probiotica supplementen namen en dagelijks minder dan 20 gram vezels binnenkregen (53%)
- de groep patiënten die wel dagelijks probiotica supplementen namen en minder dan 20 gram vezels binnenkregen (19%)
- de groep patiënten die dagelijks meer dan 20 gram vezels binnenkregen, maar geen probiotica supplementen namen (18%)
- de groep patiënten die meer dan 20 gram vezels per dag binnen kregen en ook probiotica supplementen namen (10%0.
De uitkomsten waren opvallend: de groep patiënten bij wie de medische behandeling het meest aansloeg was de groep die geen probiotica nam, maar wel meer dan 20 gram vezels binnenkreeg op een dag. De gezondheid van deze mensen was dus beter dan de gezondheid de patiënten die zowel probiotica namen als voldoende voedingsvezels aten.20 Het lijkt er dus op dat voedingsvezels effectiever zijn dan probiotica en dat mensen met een kwaadaardige tumor in hun lijf beter geen probiotica kunnen nemen.
De resultaten van een ander onderzoek vertelt ook meer over de invloed van dieet en voedingsvezels op de terugkeer van kanker. In dit onderzoek kregen mensen die waren hersteld van darmkanker van onderzoekers dieetvoorschriften. Ze moesten zich houden aan een vetarm dieet dat rijk was aan groenten, fruit en vezels. Nou is altijd maar de vraag tot op welke hoogte proefpersonen zich aan de dieetvoorschriften houden, wanneer ze deze opgelegd krijgen van onderzoekers. De onderzoekers besloten daarom om na te gaan in hoeverre de proefpersonen de dieetvoorschriften daadwerkelijk naleefden. Na een onderzoeksperiode van vier jaar bleek dat hoe meer de proefpersonen zich aan de dieetvoorschriften hielden, hoe kleiner de kans was dat de kanker terugkwam.21 Let wel: de kans was kleiner. Dit wil dus niet zeggen dat de kans op de terugkeer van kankergezwellen na het volgen van een vezelrijk dieet helemaal 0,0 is.

Maar er zijn ook andere voedingsmiddelen die de kans op darmkanker dan juist weer vergroten. In dit artikel beschrijf ik om welke voedingsmiddelen dit gaat. En ook hebben vegetariërs een lagere kans op het krijgen van borst- of prostaatkanker dan vleeseters.22
Welke voedingsvezels er zoal zijn en in welke voedingsmiddelen die te vinden zijn, heb ik beschreven in dit artikel.
Wil je mij bedanken voor al het werk dat ik heb geleverd voor het schrijven van dit artikel? Dit kan door te doneren. Doneren kan hier.
Samengevat
Elke lichaamscel heeft te maken met een celcyclus. Wanneer deze celcyclus op een gezonde manier verloopt, delen cellen zich op als er A. genoeg ruimte is voor nieuwe cellen en B. het DNA van deze cellen op de juiste manier gekopieerd is. Wanneer de cellen zich op blijven delen als er A. niet genoeg ruimte is voor nieuwe cellen of B. het DNA in de cellen niet op de juiste manier gekopieerd is, kunnen er tumoren ontstaan. Butyraat, een stofje dat darmbacteriën aanmaken wanneer iemand veel vezels eet, heeft een gunstige uitwerking op deze celcyclus. Niet alleen roept het een onjuiste celdeling van kankercellen een halt toe, butyraat kan er ook voor zorgen dat ‘foute’ cellen zichzelf zullen vernietigen (apoptose). Uit onderzoek blijkt dan ook dat een medische behandeling van huidkanker een grotere kans van slagen heeft wanneer patiënten dagelijks meer dan 20 gram vezels binnenkrijgt.
Disclaimer: De auteur van darmrevolutie.nl, Jacqui Bolt, is geen praktiserend arts, maar beschrijft slechts de resultaten van wetenschappelijke onderzoeken. Als u lichamelijke of mentale problemen ervaart, wordt u geadviseerd om die te bespreken met uw behandelend arts.
Bronnen
- Polański, J. et al. 2021: Relationship between Nutritional Status and Clinical Outcome in Patients Treated for Lung Cancer. Nutrients 13(10): 3332. [PubMed] [Google Scholar]
- Hébuterne, X. et al. 2014: Prevalence of malnutrition and current use of nutrition support in patients with cancer. Journal of Parenteral and Enteral Nutrition 38(2), p. 196-204. [PubMed] [Google Scholar]
- Schmitt, E., C. Paquet, M. Beauchemin & R. Bertrand, 2007: DNA-damage response network at the crossroads of cell-cycle checkpoints, cellular senescence and apoptosis. Journal of Zhejiang University SCIENCE B 8, p. 377-397. [PubMed] [Google Scholar]
- Kuilman, T., C. Michaloglou, W.J. Mooi & D.S. Peeper, 2010: The essence of senescence. Genes & Decelopment 24(22), p. 2463-2479. [PubMed] [Google Scholar]
- Collado, M., M.A. Blasco & M. Serrano, 2007: Cellular Senescence in Cancer and Aging. Cell 130(2), p. 223-233. [PubMed] [Google Scholar]
- Matthews, H.K., C. Bertoli & R.A.M. de Bruin, 2022: Cell cycle control in cancer. Nature Reviews Molecular Cell Biology 23, p. 74-88. [PubMed] [Google Scholar]
- Molinari, M., 2001: Cell cycle checkpoints and their inactivation in human cancer. Cell Proliferation 33(5), p. 261-274. [PubMed] [Google Scholar]
- Varna, M. et al. 2008: p53 dependent cell-cycle arrest triggered by chemotherapy in xenografted breast tumors. International Journal of Cancer 124(4), p. 991-997. [PubMed] [Google Scholar]
- Wahba, J. et al. 2018: Chemotherapy-induced apoptosis, autophagy and cell cycle arrest are key drivers of synergy in chemo-immunotherapy of epithelial ovarian cancer. Cancer Immunology, Immunotherapy 67, p. 1753-1765. [PubMed] [Google Scholar]
- Gabrielli, B., K. Brooks & S. Pavey, 2012: Defective cell cycle checkpoints as targets for anti-cancer therapies. Frontiers in Pharamcology 3: 9. [PubMed] [Google Scholar]
- Blagosklonny, M.V., A.B. Pardee, 2001: Exploiting Cancer Cell Cycling for Selective Protection of Normal Cells. Cancer Research 61(11), p. 4301-4305. [PubMed] [Google Scholar]
- Huang, R. & P.K. Zhou, 2021: DNA damage repair: historical perspectives, mechanistic pathways and clinical translation for targeted cancer therapy. Signal Transduction and Targeted Therapy 6: 254. [PubMed] [Google Scholar]
- Comalada, M., E. Bailon, O. de Haro, F. Lara-Villoslada, J. Xaus, A. Zarzuelo & J. Gálves, 2006: The effects of short-chain fatty acids on colon epithelial proliferation and survival depend on the cellular phenotype. Journal of Cancer Research and Clinical Oncology 132, p. 487-497. [PubMed] [Google Scholar]
- Heerdt, B.G., M.A. Houston & L.H. Augenlicht, 1997: Short-Chain Fatty Acid-initiated Cell Cycle Arrest and Apoptosis of Colonic Epithelial Cells is Linked to Mitochondrial Function. Cell Growth & Differentiation 8, p. 523-532. [PubMed] [Google Scholar]
- Wang, J. & E.A. Friedman, 1998: Short-chain fatty acids induce cell cycle inhibitors in colonocytes. Gastroenterology 114(5): 940-946. [PubMed] [Google Scholar]
- Shankar, S. & E. Lanza, 1991: Dietary fiber and cancer prevention. Hematology/Oncology Clinics of North America 5(1), p. 25-41. [PubMed] [Google Scholar]
- Aune, D., D.S.M. Chan, D.C. Greenwood, A.R. Vieira, D.A. Navarro Rosenblatt, R. Vieira & T. Norat, 2012: Dietary fiber and breast cancer risk: a systematic review and meta-analysis of prospective studies. Annals of Oncology 23(6), p. 1394-1402. [PubMed] [Google Scholar]
- Schatzkin, A., T. Mouw, Y. Park, A.F. Subar, V. Kipnis, A. Hollenbeck, M.F. Leitzmann & F.E. Thompson, 2007: Dietary fiber and whole-grain consumption in relation to colorectal cancer in the NIH-AARP Diet and Health Study. The American Journal of Clinical Nutrition 85(5), p. 1353-1360. [PubMed] [Google Scholar]
- Mathers, J.C. et al. 2022: Cancer Prevention with Resistant Starch in Lynch Syndrome Patients in the CAPP2-Randomized Placebo Controlled Trial: Planned 10-Year Follow-up. Cancer Prevention Research 15(9), p. 623-634. [PubMed] [Google Scholar]
- Spencer, C.N. et al. 2021: Dietary fiber and probiotics influence the gut microbiome and melanoma immunotherapy response. Science 374(6565), p. 1632-1640. [PubMed] [Google Scholar]
- Sansbury, L.B., K. Wanke, P.S. Albert, L. Kahle, A. Schatzkin, E. Lanza & the Polyp Prevention Trial Study Group, 2009: The Effect of Strict Adherence to a High-Fiber, High-Fruit and -Vegetable, and LowFat Eating Pattern on Adenoma Recurrence. American Journal of Epidemiology 170(5), p. 576,584. [PubMed] [Google Scholar]
- Watling, C.Z. et al. 2022: Risk of cancer in regular and low meat-eaters, fish-eaters, and vegetarians: a prospective analysis of UK Biobank participants. BMC Medicine 20: 73. [PubMed] [Google Scholar]